Twee vriendinnen in de put (Raar maar waar)

De Kinderen van groep 7 hebben als opdracht om deze week een verhaal te schrijven met als thema raar maar waar. De kinderen werken eerst in klad. Ze bedenken een idee, in grote lijnen een inleiding, een kern en een slot en gaan aan het werk. De kinderen mogen het verhaal uittypen. Hieronder het begin van een verhaal geschreven door Sanne. Omdat het nog niet af is, zijn taal en spelfouten uiteraard toegestaan! 😉

Raar maar waar
Er was eens een meisje van 9 jaar en heet: Lotte en heeft een gooien vriendin zij heette Daniek. Ze deden vaak gekke proefjes en ze speelde vaak met elkaar bijna om de twee dagen.

ontdekking
Lotte was niet groot en daarom werd ze gepest en haar beste vriendin steunde haar en op een dag fietste ze naar huis en toen kwamen de pesters er aan en toen duwde de pesters Lotte en viel ze van haar fiets en toen kreeg ze een wond er kwam veel bloed uit en toen was ze aan het huilen en ze zag wat liggen in het putje en pakte het er uit en het was een munt en toen keek ze er naar en het was ineens weg ze pakte het nog een keer en toen keek ze er weer naar en toen lag het er weer in maar toen kwam Daniek er aan haar beste vriendin er aan e trekt te haar overeind en liepen ze samen naar huis want haar fiets was toch helemaal kapot en ze zijn buren en ze gingen toevallig toch spelen en Daniek struikelde over een steentje en viel in een gat en dat dat zag Lotte e viel er ook in e kwamen allebei in een rare put terecht en zagen een rare deur en ze deed de deur open en kwamen in een groterde put er lagen allemaal stenen op elkaar en klommen omhoog en waren weer op de straat.

Jorik Sturing