Hoe Kom Je Nou In Noorwegen Terecht? (Deel 1)

rene_75

Ik moet toch eerlijk toegeven dat mijn verbazing erg groot was, toen ik afgelopen week zag hoeveel mensen mijn eerste column op Spijk.net hadden gelezen. Ook via mijn Facebookpagina kreeg ik veel leuke reacties op mijn terugblik en er meldden zich gelijk weer een paar oude bekenden aan. Dat brengt mij gelijk op de volgende vraag, die mij deze week ook weer een aantal keren gesteld werd. ‘Hoe kom je nou in Noorwegen terecht?’ Deze vraag krijg ik natuurlijk regelmatig te horen en is niet makkelijk te beantwoorden want de oorzaak van mijn verhuizing wordt voorafgegaan door een tweetal avonturen, die zich 2700 kilometer ten zuiden en 2200 kilometer ten noorden van mijn huidige woonplaats afspeelden.

Het is soms even een kwestie van de juiste persoon op het juiste moment tegen het lijf lopen, die daarna ongewild je hele leven op zijn kop zet. In mijn geval was dat Edwin, een jongen die ik in januari 2001 in discotheek Temptation in Appingedam leerde kennen en uiteindelijk een vriend voor het leven zou worden. Door zijn vrolijke gezicht en constante glimlach kreeg hij al gauw van mij de bijnaam Smiley, waar hij dankzij mij voor de rest van zijn leven aan vast zit. Smiley nam het leven destijds niet zo serieus en was altijd op zoek naar leuke uitdagingen en zo kwam het dat hij al vrij kort na onze kennismaking mij vroeg om met hem in zijn bestelbus op vakantie naar Spanje te gaan. Zijn idee was om heel eenvoudig twee matrassen achter in de bus te gooien om daar te kunnen overnachten en op de bonnefooi de Spaanse kust af te reizen. In eerste instantie voelde ik er weinig voor om tussen de Heineken drinkende en frikandel etende landgenoten aan de Spaanse Costa’s te zitten maar Smiley wist me toch over te halen en dus vertrokken we op zondag 15 juli vanuit Delfzijl richting het land van zon, zee en zuipen. Achteraf gezien was het niet zo’n slim idee om de bestelbus voor vertrek om te toveren in een rijdende kermisattractie, inclusief verlichtte discobol, slingers en een dashboard vol knuffelbeesten want binnen een dag na ons vertrek werden we al door een tweetal heren van de Franse Marechaussee van de weg geplukt voor een intensieve drugscontrole. Waarschijnlijk was het niet alleen de versierde bus maar ook onze idioot fel gekleurde T-shirts, petjes en hippiezonnebrillen, die de heren alle aanleiding gaven om te denken dat we knetterstoned waren en de auto vol pretpillen en andere geestverruimende middelen hadden liggen. Zonder pardon werden we aan de kant gezet, gefouilleerd en werd de bus helemaal binnenstebuiten gekeerd. Toen de heren, inmiddels versterkt door nog vier collega’s en een snuffelhond, na bijna driekwartier zoeken niet verder waren gekomen dan een paar pakjes tabak en er zelfs in de knuffelbeesten geen enkel spoor van wat voor drugs dan ook te vinden was, lieten ze ons maar gaan. Toen we lachend weer verder reden kon je de frustratie op hun gezichten aflezen. Zelfs de hasjhond keek niet blij.

Via zonovergoten badplaatsen als Playa D’Aro, Pals en Lloret de Mar kwamen we na vijf dagen in Salou terecht waar we naast een paar verdwaalde Spanjaarden en Engelsen alleen maar Nederlanders tegenkwamen. Televisieprogramma’s als “Hete Kussen Uit Salou” en de bioscoopfilm Costa! hadden duizenden Nederlandse jongeren deze kant opgelokt, die zelf die hete kussen en wilde nachten wel eens mee wilden maken. Waar je ook liep, overal zag je Nederlandse restaurants en bars met creatieve namen als De Prins Van Oranje, ‘t Gat Van Nederland, Broodje van Kootje, de Heineken Hoek en De Malle Molen, waar de jeugd, ver weg van de controle van pa en moe, elke nacht compleet losgeslagen op stap ging. Ik zal verder niet te ver in details treden maar dingen als comazuipen, tequilasnuiven, tegen de bar zwaffelen en spoelbakduiken waren zelfs voor een horecaveteraan als ik een behoorlijke openbaring. Na twee nachten stappen moest ook ik toegeven dat dit walhalla van Heineken bier en frikandellen best leuk was. Zo leuk dat Smiley en ik, samen met onze goede vriend Karl-Heinz, het jaar daarop weer naar Salou reden. Deze keer zou onze vakantie echter een hele andere wending krijgen want tijdens één van onze nachtelijk uitstapjes liepen we ene Frank tegen het nogal corpulente lijf, die ons introduceerde in de wereld van de glitter en de glamour. Deze uit Nederland afkomstige voormalige juwelier, die mij toch sterk aan Bud Spencer deed denken, was producent van een glossy toeristentijdschrift en regelde bijna alles wat met Nederlandse televisie en artiesten in Salou te maken had. Voor we het wisten dronken we een borrel met actrices Sylvie Meis en Touriya Haoud, stonden we met Mental Theo en zijn cameraman Jeffrey te hossen in de vipruimte in de Ski Hut en werden we de volgende dag uitgenodigd voor de beroemde poolparty bij de villa van Bud Spencer. Toen we die middag de tuin inliepen begreep ik waarom hij ook wel de Hugh Hefner van Salou werd genoemd. Omgeven door champagne, cocktails, een groot barbecue buffet en topless dames in het zwembad, begroette Frank ons in zijn tropische tuin en stelde ons voor aan zijn vriendin Nikki Safari, die niet alleen fotomodel en redactiemedewerkster van zijn glossy was maar ook de de bitch van discotheek Empire in de film Costa speelde. Daar stonden we dan, als een stel kleuters op hun eerste schooldag. Drie boerenpummels uit Delfzijl, in een wereld waar we tot nu toe alleen maar over gelezen hadden in de roddelbladen bij de kapper. Nu hoor ik je denken: ‘Wat heeft dit met Noorwegen te maken?’ Op dit moment nog helemaal niks maar de vraag die Frank mij die middag tijdens zijn poolparty zou stellen zou de aanzet tot een hele grote verandering worden.

Over twee weken gaan we verder.

Eén gedachte over “Hoe Kom Je Nou In Noorwegen Terecht? (Deel 1)

  • 29 september 2013 om 10:44
    Permalink

    Weer een geweldig verhaal Rene net als al je verhalen op Facebook en je eigen site, ga zo door en misschien eens als boek vorm, zal leuk zijn.

Reacties zijn gesloten.